De Nederlandsche Pers over: „Voorbijgaande Schepen in donkeren Nacht”.
De Spectator zegt o. a. :
Een wijs en geestig boekje, door welks onverbiddelijke tragedie de vonk des verständigen levens gloort in somberen nacht.
Vele opmerkingen van den „zonderling” stemmen tot nadenken. „Het is verwonderlijk hoeveel men leert, als men niet leest.” (24) „Als gij boeken schrijft,” raadt hij het meisje aan, „laat uwe personen (dan) nooit lange gesprekken met elkaar houden. In het werkelijke leven spreken de menschen geen vier bladzijden achtereen. En als gij twee verstandige menschen bij elkaar brengt, laat hen dan niet verstandig redeneeren. Dat doen verstandige menschen niet. Alleen de dommen denken dat zij altijd verstandig moeten praten.” (139)
Waar „zooveel wijsheid viel”, „smolt wijsheid ziel aan ziel” van hem en haar te samen.
Toen kwam de dood, en het lied was uit.
Natuurlijk verdient een boekje met zooveel aristocratisch s a v o i r-vivre een bijzondere vermelding.
Wolfgang.
Het Handelsblad zegt o. a.:
Ook ons publiek zal dit boek, in goed Hollandsch vertaald, gaarne lezen: het is eenvoudig en lief geschreven en de schrijfster heeft het treffende in korte ontmoetingen van vreemden, die daarna weer voor altijd uit elkaar gaan, zeer goed geteekend, ook in den titel Voorbijgaande Schepen in donkeren Nacht.
Het Vaderland zegt o. a.:
Het is in één woord een Juweeltje.