95
Dokter. Hou je mond, hou je mond maar! Je ruikt naar drank, je ruikt gewoon na jenever!
Aagje. Dat ken niet. *k Heb ulevelle gezoge.
Dokter (tot Zaalmoeder Kijk u d’r kastje is na. Ziet u niks?
Zaalmoeder. Niemedal.
Dokter. Dan moet u strakjes dV bed inspectee-ren. U is daarvoor verantwoordelijk, u wéét dat ’t niet mag!
Aagje (huilend), 'k Heb geen drank gezien, dokter. *k Heb geen droppel geproefd, nee, niet één droppel!
Dokter. Met huilen bewijs je niks. Laatst had je ook *n fleschje onder je hoofdkussen gestopt.
Aagje (schel-huilend). Dat had ’k niet! Dat had *k niet!
Dokter. Ach kom! Er is je gewaarschuwd, dat als 't wéér gebeurde, je uit 't Gesticht zou worden gezet, (dreigend) Pas op, we maken er geen gekheid mee. (in vriendelijk lachen overgaand) Lee-lijke ouwe pimpelhannes!
Fietje (die naast bed j is gaan zitten). Hèhèhè! Die dokter! Die dokter!