In onze dagen - voor onze ogen
deel weggevoerd en werden de werkzaamheden van de Joodse Raad gestaakt.
Toen de volgende ochtend, Erew Rosj Hasjana 5704, de Amsterdamse arts I. Dasberg voor de Grote Sjoel verscheen (hij zou voorgaan in de dienst) was de deur gesloten. Een voorbijganger deelde hem mee, wat er die nacht was geschied. In de Grote Sjoel werd op die dag vóór het Joodse Nieuwjaar, voor de eerste maal sedert 1671, niet geoord. Er werd in de Grote Sjoel nooit meer geoord.
Het was deze laatste bezoeker, die, als voorzitter van het Kerkbestuur der N.I.H.S., in 1954 de overdracht van de gebouwen aankondigde, die aanleiding werd tot het schrijven van dit boek.
153